Zoals eerder vermeld heb ik sinds eind 2007 geen contact meer met mijn ouders. In het begin was dat heel moeilijk. Me steeds maar schuldig voelen. Denken dat ik moest bellen, voelen dat ik iets moest goedmaken (mijn moeder’s stem in mijn hoofd), en tegelijkertijd eindelijk heel erg voelen dat ik nu eens niets goed te maken heb. Dat zij (mijn ouders, maar vooral mijn moeder) nu maar eens over de brug moesten komen.
Even kort samenvatten: mijn moeder is heel dominant en manipulatief. En zelf ben ik het perfecte kind geworden, zoals dat ook beschreven staat in het boek van Alice Miller, “Het drama van het begaafde kind”. Wat dat wil zeggen is dat ik leerde aanvoelen wat mijn moeder allemaal net wilde en van me verwachtte, en dat ik dat dan ook deed. Dan was ik braaf, en ontving felicitaties en knuffels en goedkeuring en liefde.
Het probleem is dat ik, als kind, natuurlijk totaal voorbij ging aan mijn eigen wensen en grenzen. Maar voor de buitenwereld was ik gewoon braaf. Zelf was ik me natuurlijk van geen kwaad bewust. In principe, als ik ergens trachtte af te wijken, of mijn eigen stem te vinden, werd dat snel afkeurend behandeld en werd mij liefde ontnomen, en dus draaide ik snel weer bij.
Het probleem stelde zich pas echt expliciet toen ik een partner had gevonden. Geen enkele partner was goed genoeg. Ook hier was dat nooit heel erg expliciet, heel manipulatief. Maar terugkijkend: overduidelijk.
Dus nu probeer ik me al 2j los te maken van mijn ouders. Eerst nog heel erg veel dromen van mijn ouders. Heel erg angstig buiten, op bekende plekken, om ze tegen te komen, bang voor reprimandes, confrontaties. Ik ben sowieso heel erg confrontatie-vermijdend.
Dan komt er een rustige periode, maar dan blijkt dat ik heel veel dingen gewoon wegdruk, verstop. Voor mezelf. Sowieso zonder mijn ouders is er geen confrontatie. Dus rust. Maar dat is al te eenvoudig. Die ouders zitten nog steeds in mijn hoofd. Niet zozeer zijzelf, maar mijn eigen incarnatie van hun waarden, hun normen, hun verwachtingen. En ook daar wil ik me nog van losmaken. Ook in mijn omgang met mijn eigen dochter, met andere mensen, wil ik me bewuster zijn, en zorgen dat ik niet dezelfde mechanismen ga toepassen.
Dat lukte me niet in mijn eentje, dus zocht ik professionele hulp in therapie. Eerst een aantal maanden bij een man, wat ik dacht dat veiliger was (geen moeder-figuur) maar uiteindelijk was dat misgelopen. Ik heb wel een paar heel goede beelden van hem meegekregen: mijn gebrek aan een zwaard, en hoe alle mannen in onze familie dit tekort hadden. Hiermee wordt bedoeld dat mij aan daadkracht ontbrak. De roulerende rekening, of hoe je als ouder tekorten uit je jeugd verhaalt op je eigen kinderen. In mijn geval al te waar, maar nu ik me daar bewust van ben hoop ik dat te kunnen doorbreken.
Bij die therapeut had ik op een gegeven moment bijna het gevoel mijn gemiste ouder(s) te vinden. Namelijk iemand die onvoorwaardelijk naar me luistert en me aanvaardt zoals ik ben.
Uiteindelijk is dat misgelopen op het feit dat hij heel erg aandrong om het contact met mijn ouders weer op te nemen. Dat was volgens hem nodig om de roulerende rekening te doorbreken. Daarenboven had ik als mechanisme om vervelende gevoelens te vermijden (angst, stress, verdriet, …) een pornoverslaving. Daar deed hij jammer genoeg lacherig over, wat mij heel erg onbegrepen achterliet en me deed besluiten om de therapie te stoppen.
Maar in je eentje blijf je in dezelfde kringetjes draaien, en ik wil voelen dat ik bepaalde dingen zou kunnen doorbreken. Dus nu zit ik bij een therapeute, dezelfde leeftijd als mijn moeder, en dat gaat heel goed. Zij heeft me ook al een aantal goede handvaten kunnen geven. We hebben doelstellingen gemaakt, wat ik wil bereiken. Dat is simpel: niet meer pornoverslaafd zijn, de omgang met mensen graag eenvoudiger, dat ik gemakkelijker bij mezelf kan blijven, niet automatisch uitgaan van wat ik denk dat de ander zou willen horen of verwachten. Misschien ooit weer sterk genoeg of onafhankelijk genoeg om weer contact te hebben met mijn ouders, maar dat is nu totaal geen prioriteit. Ik ben daar nog helemaal niet klaar voor. Als ik daar nog maar aan denk, wordt het me al benauwd.
De pornoverslaving heb ik nu enigszins onder controle, vooral door heel veel discipline en kleine hulpmiddelen, maar de drang blijft nog altijd heel erg. Daardoor slaat de stress nu meer op mijn lichaam. Tegelijkertijd voel ik nu veel meer. Dat is positief denk ik.
Onlangs stopte ik met de auto aan de rode lichten, en zag een jongen staan. Hij was ongeveer 18, en zijn dag moest nog beginnen, zoals de mijne. Hij stond blijkbaar te wachten op vrienden, schoolkameraden, zijn vriendinnetje. En plots werd ik triest om mijn eigen gemiste jeugd. Ik heb het gevoel dat ik nooit onbezorgd kon zijn. Ik mocht niet voor mezelf beslissen. Toen ik op mijn twaalfde verliefd was op het mooiste meisje van de klas, werd ik door mijn moeder uitgelachen. Toen ik op mijn vijftiende wou gaan volleyballen, was er vast een of ander goed argument om dat niet te mogen doen. Op mijn vijftiende mocht ik ook niet meer naar de scouts, want dat was dan plots gemengd, en dat was niks voor mij. Op mijn zeventiende mocht ik niet met de anderen van de klas mee op fietsvakantie, want ik-weet-niet-meer-wat-in-hemelsnaam de reden kon zijn. Het hele concept vriendschap is me vreemd. Maar dat liet ik allemaal gebeuren. Ik was braaf.
Nu denk ik: ik was een loser. Ik was een seut. Nu denk ik: godverdomme pa, waarom kon jij niet even voor me opkomen. Me helpen. Me tonen hoe dat moest. Godverdomme pa. Waarom was je er niet meer, voor mij, in plaats van alleen maar op de achtergrond. In stilte mijn moeder steunend. Jij had mijn voorbeeld moeten zijn.
En waarom kan ik wel kwaad zijn op mijn vader, en niet op mijn moeder. Want dat is nog steeds een brug te ver. En waarom, als mijn therapeut voorstelt om contact te nemen met mijn vader, alleen mijn vader, zodat ik hem kan leren kennen, is mijn eerste gedachte dan dat mijn moeder zich zo afgewezen zou voelen, dat dat onaanvaardbaar is. En zo blijft mijn moeder de baas.